|
235 In de naam van de Heer, amen. Laat het voor iedereen duidelijk zijn door dit huidige openbare instrument, dat in het jaar van onze Heer en Zaligmaker Jezus Christus 1655, op de 28e dag van de maand september, omstreeks zeven uur ’s avonds, voor mij, Joannes Hellerus, openbaar notaris, erkend door het hof van Holland, residerend te Amsterdam, en de hieronder genoemde getuigen, persoonlijk zijn verschenen: Dirck Harmsz Brinckhuis, kleermaker, en zijn echtgenote Neeltje Hommes, beiden woonachtig in de Korsjespoortsteeg van deze stad, mij, notaris, bekend, en bij volle verstand, geheugen en spraak, zoals duidelijk bleek. Zij verklaarden door overweging van hun dood hun testament en uiterste wil te hebben gemaakt zoals volgt: Eerste bepaling: Hun ziel bevelen zij aan God Almachtig, en hun overleden lichaam aan de aarde. Vervolgens hebben zij hun enige en universele erfgenamen ingesteld, namelijk al hun kinderen, reeds geboren en nog te verwekken, zonder uitzondering. De langstlevende van hen zal gedurende zijn of haar leven of tot een nieuw huwelijk volledig bezit en eigendom behouden over alle roerende en onroerende goederen, vorderingen en rechten, achtergelaten door de eerststervende, met de bevoegdheid deze te beheren, benutten, verkopen, verhandelen, verteren, belasten of vervreemden naar eigen inzicht, zoals zij beiden dat tijdens hun leven zouden mogen doen. Dit met de voorwaarde dat de langstlevende hun minderjarige kinderen op een fatsoenlijke manier zal onderhouden en opvoeden, en hen zal voorzien van een passend aandeel bij het bereiken van de volwassen leeftijd of het aangaan van een huwelijk. Overige bepalingen: De kinderen zullen elk een som van 600 gulden ontvangen als deel van hun legitieme portie, in mindering gebracht op de nalatenschap van de eerststervende. Daarnaast worden hun zonen, Harmen Brinckhuis en Joannes Brinckhuis, afzonderlijk toegewezen wat zij ontvangen hebben als legitieme portie uit de goederen van de eerststervende. Er zal geen verplichte inbreng van goederen zijn tussen de kinderen, ongeacht of één kind meer heeft ontvangen dan een ander. De langstlevende ouder zal optreden als voogd over de minderjarige kinderen en hun goederen. Indien de langstlevende opnieuw trouwt, moet hij of zij de helft van de nalatenschap van de eerststervende aan de kinderen afstaan als hun wettige erfdeel, zonder dat de kinderen hoeven in te brengen wat zij reeds ontvangen hebben. Indien er na overlijden van de langstlevende nog gemeenschappelijke goederen overblijven, zullen deze onverdeeld blijven en worden gebruikt voor het onderhoud van de minderjarige kinderen totdat zij volwassen zijn of in het huwelijk treden. Eventuele resterende inkomsten worden jaarlijks toegevoegd aan het kapitaal. Slotbepalingen: Zij verklaren dit testament en uiterste wil te zijn, met de wens dat dit zijn volledige kracht behoudt als testament, codicil of laatste wil, ongeacht mogelijke juridische formaliteiten die niet in acht zijn genomen. Dit testament werd opgesteld in mijn notariskantoor, in aanwezigheid van de getuigen Arent Minu en Jan Cranendouck, inwoners van deze stad, die hiertoe werden verzocht en gebeden. De clausule betreffende fideicommissen werd hierbij in overeenstemming met het plakkaat van het jaar 1624 verklaard. Ondertekend: Dirck Harmsz Brinckhuis Neeltje Hommes Arent Minu Jan Cranendouck Aantekening in de kantlijn. Willende dat allen, inclusief de hierboven genoemde erfgenamen, die van huizen afstammen, zullen komen erven, zullen erven en opgesteld worden zoals bepaald door het ene kind, zonder daarbij een einde te maken aan de afstammingslijn. Verder wordt bepaald dat van de ene erfgenaam op de andere zal worden overgedragen tot het allerlaatste einde. Dit alles volgens de vastgestelde testamentaire bepalingen, zonder afwijkingen of tegenstrijdigheden. Deze bepalingen zullen gelden voor het geheel van de erfenis, zoals vastgesteld bij hun overlijden. Bij gebrek aan kinderen die tegenstrijdige instructies hebben achtergelaten, zal alles conform de codicillen worden uitgevoerd. Gemaakt en ondertekend zoals vastgesteld op de genoemde datum.” |